Enkele maanden geleden kochten we 20 exemplaren van het heerlijke uitklapboek 'De zee' van Hector Dexet. Het leek ons een leuk idee om ons werkjaar met dit thema af te sluiten en de kinderen van het asielcentrum van Broechem het boek cadeau te doen. 

Toen ik een vrijwilligster vertelde over onze plannen, vroeg ze zich terecht af of het thema 'zee' wel geschikt was voor vluchtelingenkinderen. Misschien waren sommige kinderen bootvluchtelingen en zou het thema traumatische herinneringen blootleggen. Ik besefte dat ik daar niet bij stilgestaan had. Ik had gedacht om het kamishibaiverhaal 'Klein wit visje en zijn papa' te vertellen, en te werken met de dieren uit de zee... Niet zo zeer de focus op boten en varen, maar toch. Misschien moesten we onze plannen toch maar omgooien...

We besloten de vraag voor te leggen aan de begeleiding van het asielcentrum. Na overleg in hun team kregen we te horen dat het thema voor deze kinderen 'veilig' was. Het maakte me ervan bewust dat we alert moeten blijven bij de keuze van onze verhalen, omdat we niet weten welk effect dit op de kinderen heeft, maar ook dat we zo'n fijn team van betrokken vrijwilligers hebben en dat de 'flexibiliteit' waarmee ze het programma -indien nodig- konden omgooien, een belangrijke kwaliteit is. 

Terug naar het asielcentrum...

Onze tafel vol boeken trok de aandacht van twee nieuwe jongens. Ze bladerden wat in het boek dat Debby hen aanreikte, maar het was duidelijk dat ze het verhaal niet begrepen.

'Waar kom je vandaan?' vroeg Debby. 

Geen reactie. 

'Ik ben Debby'. Ze wees naar zichzelf. 

'Wat is jouw naam?'

Het gesprek liep moeizaam, tot er hulp kwam van een Turkse bewoner. Hij vertelde dat de jongens uit Afghanistan kwamen en Pashto spraken. Ik had een meertalig kamishibaiverhaal bij, in wel 19 talen, maar Pashto stond er niet tussen. Wel Dari/Farsi. Ik gaf de jongens de vertelplaten. Het was een gok. 

De kleinste jongen begon te lezen. Het eerste blad las hij stilletjes voor zich. Hij stootte zijn broer aan, toonde hem de tekst en ze lazen samen hardop verder. 

 Toen we Klein wit visje voorlazen, vertrok de jongste broer op zijn fiets, maar later keerde hij terug voor de creatieve opdracht. We maakten met schuimrubber en karton onze eigen stempels van de dieren uit de zee. 

Gelukkig waren er voldoende vrijwilligers, zodat we de kinderen konden helpen, want het uitknippen van de ogen en de mond uit schuimrubber was toch niet zo eenvoudig! (Thanks team! :)) 

Maar het resultaat was prachtig: grote en kleine vissen, dikke en dunne vissen, kromme en rechte vissen. Er was zelfs een inktvis bij! De kinderen vonden het stempelen zo fijn dat ze alle kleuren wilden uitproberen of zelfs het stempelkussen als stempel wilden gebruiken! Oeps!

Tijdens de zomermaanden lezen we niet voor in het asielcentrum. We nodigen alle kinderen uit om naar onze kamishibaivertellingen te komen luisteren op 4 verschillende locaties in Ranst. Op die manier willen we nóg meer kinderen besmetten met het leesvirus. Heb je zin om ook langs te komen? Neem dan hier een kijkje en reserveer je alvast je plaats.  

Tot binnenkort! 

-Gitt-

Alle berichten
×

Bijna klaar…

We hebben net een e-mail gestuurd. Klik op de link in de e-mail om uw aanmelding te bevestigen!

OK